naar de vorige pagina

Reis Vietnam 2012

Terug naar de startpagina
terug naar start 

naar de eerste dag

  Vietnam - Info

  
De naam Vietnam betekent "Land van het Zuiden": het zuiden ten opzichte van China. 
  
De officile naam luidt voluit Nuoc Cng Ha X Hi Chu Nghia Vit Nam ("Socialistische Republiek Vietnam").

Vietnam was, zon vijf eeuwen voor het begin van onze jaartelling, een vazalstaat van keizerlijk China. Chinezen, waarschijnlijk uit de zuidelijke provincie Quangdong, trokken naar het zuiden en vestigden zich in de delta van de Song Hong. De oorspronkelijke bevolking werd verdreven naar minder vruchtbare gebieden in de bergen. 
De verschillende stammen van het Viet-volk (zuidelijke volk) sloten zich aaneen en stichtten het koninkrijk Dai Viet Quoc (Groot Viet Land/Rijk), dit land had verschillende locaties in hedendaags China en Vietnam.
In midden-Vietnam ontstond Champa. De Cham controleerden de handel en waren berucht om hun piraterij.
Verder naar het zuiden, in de Mekongdelta, ontstond het Khmerrijk Funan. Ook Funan dreef uitgebreid handel met Indiase kooplieden.
In 112 v. Chr. werd het koninkrijk Vietnam door Chinezen van de Han-dynastie veroverd. De Chinezen noemden het gebied Annam. Tot 939 n. Chr. bleef het een buitenprovincie van China.
In 939 scheidden ze zich af van China en vormden opnieuw een koninkrijk dat behalve Annam ook de noordelijke provincie Tonkin omvatte. Vietnam lijfde het rijk van de Cham in, waardoor het koninkrijk ver naar het zuiden werd uitgebreid.
In de 11e eeuw vestigde zich een onafhankelijke keizer in het gebied.
In de 13de eeuw trokken de Chinezen Vietnam weer binnen. China gunde het gebied al snel zelfbestuur, op voorwaarde dat er wel belasting werd afgedragen.
In Vietnam ontstond verdeeldheid tussen de clan van de Trinh in het noorden en die van de Nguyen in het zuiden. In 1627 ontstonden daardoor zelfs twee Vietnams met ongeveer dezelfde scheidslijn als veel later (in 1954) zou worden vastgesteld.
De boerenopstand (Tay Son-rebellie) in 1771 tegen de heerschappij van de Le-dynastie, werd geleid door drie broers en was gericht tegen de Nguyen-clan, duurde vijf jaar. Daarna riep een van de broers zich uit tot keizer Quang Trung.
In 1802 riep Nguyen Anh zich uit tot keizer Gia Long, nadat hij heel Vietnam had heroverd met militaire hulp van Frankrijk.
Een van de opvolgers van Gia Long, keizer Tu Duc, had niets op met de Franse missionarissen en hun katholieke geloof. Hij liet missionarissen en bekeerde Vietnamezen vervolgen 
Napoleon stuurde daarop in 1858 een marinevloot naar Vietnam. In 1862 werd het zuidelijke deel van het land, Cochin-China, veroverd. Ruim twintig jaar later werden het midden en noorden aan de Franse kolonie toegevoegd. Daar kwamen Laos en Cambodja nog bij; de drie landen vormden op 17 oktober 1887 de Unie van Indochina.
Het uiterste noorden (Tonkin) verzette zich het hevigst tegen de Franse overheersing. In dat gebied ontstond tussen de beide wereldoorlogen de Indochinese communistische partij, geleid door Ho Chi Minh (hij die verlicht).
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd Indo-China bezet door Japan.
Na de val van het Franse garnizoen Điện Bin Phủ in 1954 trokken de Fransen zich terug uit Vietnam en het land werd verdeeld in Noord-Vietnam dat aansluiting zocht bij de Sovjet-Unie, en Zuid-Vietnam dat zich op het Westen orinteerde.
De Vietnamoorlog (1957-1975) kwam voort uit de poging om communistische Vietcong-guerrilla's, actief in Zuid-Vietnam, te verslaan.
De door de VS gesteunde overheid van Zuid-Vietnam kwam in 1975 ten val en het land werd herenigd in 1976.
In 1979 verdreef het Vietnamese leger de Rode Khmer uit Cambodja en bezette dit land tot 1989


De taal
Het Vietnamees werd vanaf de 13e eeuw in Chinese karakters, chữ nm (字喃) geschreven, die werden aangevuld met Vietnamese karakters (chữ thuần nm).
Na de afscheiding van China ontwikkelden de Vietnamezen een eigen schrift.
Vanaf 1572 begonnen Portugese missionarissen in Vietnam het Latijnse alfabet te gebruiken. Hieruit ontstond het huidige Vietnamese alfabet Quốc Ngữ, gebaseerd op het Latijnse alfabet dat pas tijdens het Franse koloniale bewind ,vanaf 1862, echt als taal werd ingevoerd
Het quoc ngu heeft 37 letters (29 enkele letters en 8 digrafen) in alfabetische volgorde:

A Ă B C Ch D Đ E G Gi H I K Kh L M N Ng Nh O Ơ P Ph Q R S T Th Tr U Ư V X Y
a ă b c ch d đ e g gi h i k kh l m n ng nh o ơ p ph q r s t th tr u ư v x y

Het Vietnamees is een toontaal, de betekenis van een woord hangt af van de toonhoogte en de manier waarmop het wordt uitgesproken.


Geografie
Vietnam is een langgerekt kustland dat ongeveer acht keer zo groot is als Nederland.
Het oostelijke deel is een kustvlakte die in het westen begrensd wordt door de steile hellingen van de Annamitische bergketen, de Cordillera van Annam of Truong Son
De berg Ngoc Linh heeft een hoogte van 2598 meter, de berg Fan-si-pan, in het noorden van Vietnam is, met 3143 meter, de hoogste van Vietnam.
De delta van de Mekong (Khmer Krom) in het zuiden van Vietnam is, door aanvoer van rivierslib, een zeer vruchtbaar gebied met uitgestrekte rijstvelden
In het noorden is een alluviale vlakte waardoor de Rode Rivier en een aantal kleinere rivieren stromen. Deze rivieren voeden de delta van de Rode Rivier en monden uit in de Golf van Tonkin. 
Ten zuiden van deze delta van de Rode Rivier liggen de Centrale Laaglanden, een smalle kuststrook waar de korte, vaak snelstromende rivieren doorheen stromen. Het smalste stuk tussen kustlijn en de grens is 50 km breed, het grootste 600 km. De riviertjes stromen van het westen naar het oosten en vormen vruchtbare delta's.


Bevolking
Vietnamezen vormen met 85% de grote meerderheid van de bevolking. Daarnaast leven er Khmer (voornamelijk in de Mekongdelta) en Cham, afstammelingen van het Champa koninkrijk dat van de 2de tot de 13de eeuw bestond in centraal-Vietnam. Verder leven ca. 50 minderheden die in de hooglanden, waaronder Tay, Hmong, Muong, Sedong, Jarai, Bahnar, Rhade en Dao.
Dichtbij de Cambodjaanse grens en bij de monding van de Mekong leven de Cambodjanen, Khmer Krom genaamd.

Dao Hani HMong Jarai Sapa Yi

Religie
De meeste Vietnamezen hangen een religie aan die een mengsel is van boeddhisme, taosme en voorouderverering. Verder zijn er aanhangers van het confucianisme, traditionele lokale geloven en het katholicisme
Door de communistische overheid worden godsdienstige praktijken afgeraden maar getolereerd. Sinds 1990 is de traditionele verering bij boeddhistische tempels toegestaan.
Onder etnische minderheden wordt soms het protestantse evangelische geloof aangehangen maar dit wordt actief onderdrukt.


terug naar start 

naar de eerste dag