naar de vorige pagina

Reis Ecuador en Galapagos 2013

Terug naar de startpagina
terug naar vorige dag

naar volgende dag

dag 21 - Genovesa - Darwin baai - El Barranco > Bartolomé


Galapagos

Vannacht een nogal onrustige nacht gehad. We sliepen op het bovenste dek in een hut met een stapelbed en het schip ging behoorlijk te keer door de hoge golfslag, de wind viel wel mee.
Rond drie uur ging het schip voor anker in de vulkaankrater van het eiland Genovesa en konden we wat rustiger slapen.
Na het ontbijt gingen we met de dynghy's (rubber boten) naar een strandje vanwaar we een wandeling maakten over de lavarotsen van de kraterrand die hier zo'n 5 meter boven water ligt.
We zagen kleine zwarte leguanen en veel vogels, waaronder een lava-uil en de sierlijke tropical birds.
Na de wandeling was er gelegenheid om te snorkelen, wat we beide voor het eerst probeerden, met wetsuits en een zwemvest blijf je prachtig drijven. Marijke was al snel weer op het strand, Cees hield het wat langer vol en zag nog wat prachtige vissen.
Na de lunch gingen we weer aan land, nu een om ander deel van de vulkaanrand te verkennen.
Dit was een "dry-landing", wat betekent dat we af kunnen meren en droog aan land kunnen stappen. Vanmorgen was het een "wet-landing" en dan stap je uit de boot in het water en waadt naar de kant.
Na het avondeten aan boord en de briefing voor de volgende dag zette het schip koers naar de volgende stek, het eilandje Bartolomé voor de kust van het grotere eiland Santiago.
Genovesa / Tower
Dit hoefijzervormige eilandje is een echt vogeleiland, vooral roodpootgenten en fregatvogels nestelen hier. Op en bij Genovesa leven ook veel zeeleeuwen en u kunt hier de zeldzame Galápagos pelsrob zien.
De boot meert aan in een enorme krater, verbonden door een opening met de oceaan. 
Er zijn twee landingsmogelijkheden op Genovesa: Darwin Bay en Prince Philip's Steps (El Barranco). Darwin Bay is bekend om haar witte koraalzand en een klifkust met broedplaatsen van roodpootgenten , maskergenten en kleine fregatvogels. Bij Prince Philip's Steps voert een pad eerst omhoog langs de klifkust waar veruit de grootste kolonie roodpootgenten te vinden is.

 

 

Ons eerste snorkelavontuur>>

 

de klifkust van Genovesa boven op de klif, het plateau, een grote lava vlakte met weinig begroeiing het eerste groene leven, de lavacactus

De roodsnavelkeerkringvogel / Red-billed Tropicbird (Phaethon aethereus)
De volwassen vogels zijn vrijwel volledig wit. Ze hebben een spanwijdte van ongeveer een meter en een rode snavel. Het verenkleed is bij beide geslachten gelijk. De lichaamslengte bedraagt 78 tot 81 cm
Zijn voedsel bestaat uit vliegende vissen en pijlinktvissen, die hij vangt door stootduiken van aanzienlijke hoogte uit te voeren. Hij is vaak boven open zee te vinden, soms honderden kilometers van land.

Roodsnavelkeerkringvogel balts van de Tropicbird nest met jonge Tropicbird

De Galápagos Zeeleeuw / Sea lion komt op bijna alle eilanden van de Galápagos eilanden voor. Zeeleeuwen leven in grote kolonies. Volwassen mannetjes, ook wel stieren genoemd, zijn het hoofd van de kolonie. Stieren groeien tot wel 2 meter lang en wegen tot wel 363 kg. Naarmate de mannetjes groter worden vechten ze om dominantie en voor territorium, wat een harem van 5 tot 25 vrouwtjes (koeien) inhoudt.
De dieren zijn totaal niet bang voor mensen, in de haven liggen ze op steigers of in bootjes en ook op de stranden zullen ze niet voor mensen op de vlucht slaan.

De Galápagos Pelsrob / Fur Seal is het kleine neefje van de Galápagos zeeleeuw. De Galápagos pelsrob is de kleinste van de zuidelijke pelsrobben, die tot een lengte van 1,5 meter kunnen groeien in volwassen staat. Hun donkergrijze tot schemerzwarte pels leidde bijna tot uitsterven, omdat ze erg gewild zijn bij jagers. Pups worden geboren met een gladde, zijdezachte huid waarop zich bont ontwikkelt als ze ongeveer 6 maanden oud zijn. Dit maakte ze gewilde doelwitten voor jagers.
Overdag verschuilen ze zich voor de hete evenaarszon in hun krotten van rotsachtige lavakliffen op de westelijke eilanden. ’s Nachts jagen ze op inktvis en andere vis, waarbij ze moeten uitkijken voor haaien, die hun natuurlijke vijanden zijn.

Galápagos Zeeleeuwen Galápagos Pelsrobben

De zwaluwstaartmeeuw / Swallow-tailed Gull, broedt hoofdzakelijk op kliffen van de grotere Galápagoseilanden, op de kleinere eilanden van deze archipel komt de vogel slechts sporadisch voor. Het grootste deel van zijn leven brengt de zwaluwstaartmeeuw op open zee door.

De zwaluwstaartmeeuw paring van zwaluwstaartmeeuwen

Geelkruinkwak / Yellow-crowned Nightheron jonge Geelkruinkwak Galápagosreiger / Lava of Galapagos Heron Galapagos Mockingbird

Darwinvinken vormen een groepje van een aantal verwante soorten zangvogels die voorkomen op de Galapagoseilanden.

 
Grote Grondvink / Large Ground Finch Kleine Grondvink / Small Ground Finch Grote Cactusgrondvink / Large Cactus Finch Spitssnavel grondvink / Sharp-beaked Ground Finch Grauwe Boszangervink / Grey Warbler Finch  

De Sally-lightfood krab, ook wel rode rots krab, komt in duizenden aantallen voor op de Galápagos eilanden. Deze krabben vallen op door hun knalrode/oranje kleur. Het rugschild van de Sally-lightfood kan tot 8 centimeter lang worden. De meeste tijd is de krab inactief en verstopt zich in rotsspleten. Bij Eb komen ze naar buiten om zich te voeden. Ze voeden zich van de organismes die de zee met zich meebrengt wanneer deze op de rotsen slaat.

De kleine fregatvogel / Lesser Frigatebird is gemiddeld 79 cm lang en heeft een spanwijdte van 229 cm. Vrouwtjes zijn zwart en de kop en de keel zijn zwart, maar hun borst is wit, met een kastanjebruine band achter de nek. Verder zijn de poten rood en is de snavel blauwachtig. Rechts een jonge fregatvogel

De lavameeuw / Lava Gull,  is een gemiddeld grote meeuw, 43 cm in lengte en heeft een spanwijdte van ca. 70 cm. Het is waarschijnlijk de zeldzaamste meeuw ter wereld met ca. 400 broedparen, endemisch is op de Galápagoseilanden 


De Nazca-gent of Nazca Booby is te vinden op de eilanden: Espanola, San Cristobal, en Genovesa. Op  de lavavelden op het plateau van het eiland Genovesa nestelen de Nazca-genten. Je kunt ze tot dichtbij naderen en moet soms zelf over ze heen stappen. De jonkies slapen onder moeders vleugels of donsbuik. Deze witte vogel is duidelijk herkenbaar aan een zwart masker rond de ogen en de zwarte vleugelranden
Deze booby leeft op enkele vulkaaneilanden, waar hij op de grond nestelt. Van hieruit vliegt hij naar de oceaan, waar hij zijn voedsel vergaart. De vis vangen ze door vanuit de lucht een prooi te zoeken waarna een duik in het water te nemen om de vis te pakken. Dit gebeurt af en toe zelfs van een hoogte van 15 meter. Net voor dat ze het water raken vouwen ze de vleugels in.

nesten van de Nazca-genten op het lava-plateau ook veel nesten van Nazca-genten op de wandelpaden Marijke praat met een Nazca-gent

Balts van Nazca-genten Nazca-gent op eieren en met jong

De Roodpootgent  / Red-footed Booby  is 66 to 79 cm lang en heeft een spanwijdte van gemiddeld 1,4 meter. Het is de kleinste gent uit het geslacht Sula. Volwassen vogels hebben een blauwachtige snavel. De poten zijn rood, maar kunnen ook roze zijn. De witte fase ziet er uit als de meeste soorten uit dit geslacht, wit met zwarte slagpennen. Bij de roodpootgent bestaan ook vogels in een donkere fase, deze zijn, ook als volwassen vogel, geheel grijs of bruin.

Roodpootgent kuiken van de Roodpootgent in de bruine fase


De Zeeleguanen / Marine Iguana (Amblyrhynchus cristatus nanus) liggen vaak in groepjes bij elkaar te zonnen. Als ze opgewarmd zijn, gaan ze terug het water in. De zeeleguaan is de enige hagedis die zijn voedsel uit de zee haalt en uitsluitend van algen leeft. 
De hagedis kan ook behoorlijk diep duiken en heeft speciale klieren om van het overtollige zout in het voedsel af te komen.

Amblyrhynchus cristatus nanus komt endemisch voor op het eiland Genovesa. De ondersoortnaam nanus betekent 'dwerg', het is de kleinste ondersoort en heeft een geheel zwarte lichaamskleur, alle andere soorten hebben een grijzige kleur met soms rode vlekken.

De Galapagos Velduil / Galapagos Short Eared Owl (Asio flammeus galapagoensis) De velduilen hebben veertjes op de kop die lijken op de oren bij zoogdieren. De rug is donker met talrijke vaalwitte vlekken. Doordat ook de buik en de onderzijde vaalwit zijn, maakt de vogel met name in de vlucht een lichte indruk. De grote kop bevat een opvallende, ronde gezichtssluier, felgele ogen en twee korte oorpluimpjes. De velduil is ongeveer 38 cm groot


nog een blik op de lavarotsen en de zonsondergang in de vulkaanmond daarna bijwerken van de foto's en naar de kooi

 


terug naar vorige dag

naar volgende dag